Meer
Publicatiedatum: 02-11-2020

Inhoud

Programma onderdelen

A. Weerstandsvermogen en risicobeheersing

Inleiding

De gemeente Drimmelen vindt het belangrijk om risico’s te beheersen. Het gaat om risico’s die van invloed zijn op het behalen van de programmadoelstellingen. Door inzicht in de risico’s kunnen we op een verantwoorde manier besluiten nemen. In deze paragraaf leest u:

  • het beleid over de weerstandscapaciteit en risico’s
  • een inventarisatie van de risico’s
  • een inventarisatie van de weerstandscapaciteit
  • weerstandsvermogen
  • financiële kengetallen
  • een beoordeling van de verhouding tussen kengetallen en de financiële positie.

 

Inventarisatie van de risico’s

Risicomanagement

Dit is een continu proces van identificeren en kwantificeren van risico’s en het bepalen van activiteiten die de kans van optreden en/of de gevolgen van risico’s beheersbaar houdt/maakt.

Risicomanagementbeleid

In het beleid risicomanagement en weerstandsvermogen (2013) stellen we kaders over de reikwijdte en toepassing van risicomanagement. De belangrijkste elementen uit dit beleid zijn:

  • We houden een zekerheidspercentage van 90% aan voor het berekenen van de benodigde weerstandscapaciteit.
  • We streven naar een ratio weerstandsvermogen van minimaal 1.0.

Risico

Een risico is een obstakel (of een bedreiging) in het bereiken van onze doelen.

Risicoprofiel

De afdelingen van de gemeente Drimmelen stellen een dynamisch risicoprofiel op. Hiervoor gebruiken we het softwareprogramma NARIS® (NAR Risicomanagement Informatie Systeem). Dit systeem inventariseert en beoordeelt risico’s. In totaal zijn er 57 risico's die het realiseren van onze programmadoelstellingen kunnen bedreigen.

Risicokaart

De tabel (‘risicokaart’) geeft inzicht in de spreiding van de risico’s naar kans en financieel gevolg. De nummers in de risicokaart komen overeen met de geïnventariseerde risico’s (57).

Tabel Par.A-1
Gevolg
x > € 500.000 3 1 2
€ 250.000 < x < € 500.000 1 3 2
€ 100.000 < x < € 250.000 2 3 4 3
€ 25.000 < x < € 100.000 3 4 5 6 1
x < € 25.000 5 6 1 2
Geen financiële gevolgen
10% 30% 50% 70% 90% Kans

Risico top 10

In het overzicht hieronder ziet u de 10 risico’s die de meeste invloed hebben op het berekenen van de weerstandscapaciteit. Het invloed percentage geeft de invloed van een risico op het totale risicoprofiel weer.

Tabel Par.A-2
Risico top 10
Progr. 2021 begroting 2020 begroting 2019 rekening 2021 Kans 2021 Invloed
3 1 * * Dijkverzwaring van de Mark 50% 10.72%
3 2 * 1 Nadelige gevolgen klimaatverandering. Overstromingen, wateroverlast, droogte en hitte. 50% 10.68%
3 3 3 * Overschrijding krediet renovatie zwembaden 50% 6.47%
4 4 5 4 Garantstelling verlenen aan Stichting de Wijngaerd 30% 6.45%
A 5 * * Algemene Uitkering Gemeentefonds valt lager uit dan geraamd door aanpassing financiële verhoudingen tussen overheden 30% 5.07%
3 6 5 * Taak Hulp bij het Huishouden kan niet uitgevoerd worden binnen budget. 70% 5.00%
3 7 * * Decentralisatie beschermd wonen en maatschappelijke opvang leidt tot extra invoeringskosten. 70% 4.73%
3 8 6 8 Het begrote budget voor jeugdzorg is ontoereikend als gevolg van excessen in zorgvraag 70% 3.73%
2 9 * 8 Mogelijk verminderde subsidiebijdrage door provincie voor aanleg van Ecologische Verbindingszone (EVZ) 30% 3.28%
3 10 * * Bepaling doelvermogen stortplaats 50% 2.97%
* = Dit risico is nieuw opgenomen

Totaal financieel risico

In het overzicht hieronder ziet u het financiële risico dat gemeente Drimmelen loopt uitgesplitst in de top 10 en overige risico’s.

Tabel Par.A-3
Totaal financieel risico bedragen x € 1.000
Omschrijving 2021 begroting 2020 begroting 2019 rekening
Totaal top 10 risico's 5.526 4.746 5.720
Overige risico's 7.798 6.832 6.788
Totaal alle risico's 13.324 11.578 12.508

Toelichting bij risico’s

Toelichting bij risico's

1. Dijkverzwaring van de Mark

In 2018 is het waterschap Brabantse Delta begonnen met de voorbereiding van de dijkverzwaring van de Mark ter hoogte van Terheijden. Eind 2019 is er een besluit genomen over de manier waarop de dijkverzwaring plaats zal gaan vinden. Het waterschap heeft aangegeven een bepaalde financiële bijdrage van de gemeente Drimmelen te willen ontvangen. Hierover zijn geen afspraken gemaakt. Het is niet onmogelijk dat een financiële bijdrage noodzakelijk is.

 

2. Nadelige gevolgen klimaatverandering. Overstromingen, wateroverlast, droogte en hitte

Door extreme buien, stijging van het oppervlaktewater en het grondwater is er kans op waterschade aan particuliere en gemeentelijke eigendommen. Door extreme droogte is er kans op schade aan panden als door uitdrogen de bodem daalt. Ook is er kans op schade aan planten en bloemen door de hitte.

 

3. Overschrijding krediet renovatie zwembaden

Bij de renovatie van de zwembaden hebben we te maken met een aantal tegenvallers, te weten de uitvoeringsplanning, de meerkosten en de coronacrisis. De planning is uitgelopen, zoals in de raadsbrief van april 2020 toegelicht. De hoofdaannemer is in gebreke gesteld. De opening van de zwembaden was daarnaast afhankelijk van de verruiming van de coronamaatregelen. Hierbij zijn we afhankelijk van het beleid van het Rijk en de Veiligheidsregio. Bij de VJN 2020 is het krediet in totaal met € 400.000 opgehoogd. De overschrijding op het krediet wordt opgevangen binnen de totale financiële ruimte van de zwembaden bij onderhoud en exploitatie zwembaden.

Naast de kredietoverschrijding van € 400.000 zijn nog enkele risico’s aanwezig. Risico’s die te maken hebben met juridische afhandeling met de hoofdaannemer en onderaannemers. De maximale financiële impact hiervan wordt geschat op circa € 360.000 met als belangrijkste onzekerheid de financiering van de werkzaamheden die de hoofdaannemer nog uit moet voeren (€ 265.000).

 

4. Garantstelling verlenen aan Stichting de Wijngaerd

De gemeenteraad besloot op 16 juli 2015 een gemeentegarantie te verlenen aan stichting de Wijngaerd. Zo kon de stichting de renovatie financieren van de huidige huisvesting en tijdelijke huisvesting betalen.

In de akte van borgtocht (november 2015) staan de volgende voorwaarden:
- De aflossing van de lening loopt evenredig mee met de totale aflossing (inclusief extra aflossingen) van de totale financiering, zodat leningen een gelijke looptijd hebben.
- Bij een eventueel verlies van zelfstandigheid van Stichting De Wijngaerd door fusie en/of overname komt deze akte van borgtocht te vervallen.

 

5. Algemene Uitkering Gemeentefonds valt lager uit dan geraamd door aanpassing financiële verhoudingen tussen overheden

Signalen over waarschijnlijk structureel nadelig financieel effect (in 2023 € 10 en vanaf 2024 € 15 per inwoner per jaar) zijn in het financieel meerjarenperspectief verwerkt. Gezien onzekerheid over ingangsdatum en impact zijn dezelfde bedragen als risico opgenomen.

 

6. Taak Hulp bij het Huishouden kan niet uitgevoerd worden binnen budget

Hulp bij het Huishouden (HbH) is een maatwerkvoorziening en valt onder het abonnementstarief Wmo. Het abonnementstarief heeft een aanzuigende werking op de vraag naar HbH. De coronacrisis dempt de stijgende vraag. De verwachting is dat dit tijdelijk is. Op termijn zal de behoefte aan HbH toenemen door vergrijzing en het langer thuis blijven wonen van oudere inwoners. Door de AMvB Reële kostprijs Wmo hebben (loon)ontwikkelingen in de thuiszorgsector een sterk effect op de tariefontwikkeling. In 2019 en 2020 is de tariefontwikkeling in de regio Dongemond vergeleken bij andere regio's gematigd te noemen. Inmiddels loopt een inkooptraject (waarin wij samenwerken met de gemeenten Altena en Geertruidenberg) voor Hulp bij het Huishouden vanaf 2021. In de begroting is rekening gehouden met een groeiende vraag en een hoger tarief. Het risico is aanwezig dat het overleg met aanbieders over de nieuwe overeenkomst tot een nog hoger tarief leidt. Ook de vraag naar HbH kan sterker toenemen dan voorziening Algemene Uitkering Gemeentefonds valt lager uit dan geraamd door aanpassing financiële verhoudingen tussen overheden.

 

7. Decentralisatie beschermd wonen en maatschappelijke opvang leidt tot extra invoeringskosten

De organisatie van Beschermd Wonen en Maatschappelijke Opvang is nu de verantwoordelijkheid van centrumgemeente Breda, die hiervoor ook de financiële middelen ontvangt. Conform advies verschuift deze verantwoordelijkheid naar de gemeenten. Bij de huidige planning inhoudelijk vanaf 2021 en financieel vanaf 2022. Eind 2017 is door de raden een plan van aanpak vastgesteld waarin staat hoe de gemeenten in de regio zich de komende jaren voorbereiden op deze decentralisatie. Aan de decentralisatie zijn invoeringskosten verbonden die niet gedekt kunnen worden vanuit de middelen die het rijk beschikbaar stelt. Mogelijk besluiten de regiogemeenten om bepaalde onderdelen vooruitlopend op de invoering lokaal uit te voeren. Dit brengt voor de gemeente Drimmelen onzekerheden en financiële risico's met zich mee.

 

8. Het begrote budget voor jeugdzorg is ontoereikend als gevolg van excessen in zorgvraag

De druk op de Jeugdwet is al meerdere jaren toenemend. Met het inzetten van een 'taskforce jeugd' streven we naar het doorbreken van deze trend. Echter, er kan een onverwachte stijging van de vraag optreden (een mogelijk gevolg van de coronacrisis), maar ook kan sprake zijn van incidentele excessen in (omvang van) zorgvraag met 'dure' indicaties als gevolg. Waardoor de begroting overschreden wordt. In 2019 zijn enkele excessen van toepassing geweest.

 

9. Mogelijk verminderde subsidiebijdrage door provincie voor aanleg van Ecologische Verbindingszone (EVZ)

In de samenwerkingsovereenkomst wordt uitgegaan van een subsidie van 75% voor de aankoop, aanleg en inrichting van het gemeentelijk deel. Risico hierbij is dat de provincie van oordeel kan zijn dat de Ecologische Verbindingszone (EVZ) niet volledig genoeg is gerealiseerd. De provincie kan dan het subsidiebedrag verlagen.

 

10. Bepaling doelvermogen stortplaats

In 2024 is het mogelijk dat de stortplaats in Zevenbergen wordt overgedragen naar de provincie. Op dat moment wordt het doelvermogen geactualiseerd dat nodig is voor een veilig toekomst beheer van de stortplaats. Bij een ontoereikende omvang zal een beroep op de betrokken gemeenten worden gedaan om het vermogen aan te vullen.

 

Inventarisatie van de weerstandscapaciteit

De weerstandscapaciteit is het geheel aan middelen en mogelijkheden waarover de gemeente beschikt of kan beschikken om niet begrote kosten die onverwachts en substantieel zijn te dekken. We maken onderscheid in:

 

Incidentele weerstandscapaciteit

Het vermogen om calamiteiten en andere eenmalige tegenvallers op te kunnen vangen zonder dat dit invloed heeft op de voortzetting van taken op het geldende niveau.

 

Structurele weerstandscapaciteit

De middelen die permanent kunnen worden ingezet om tegenvallers in de lopende exploitatie op te vangen, zonder dat dit ten koste gaat van de uitvoering van de bestaande taken.

 

Benodigde weerstandscapaciteit

Op basis van de onderkende risico's is een risicosimulatie uitgevoerd. De risicosimulatie passen we toe omdat het reserveren van het maximale bedrag (€ 13,3 miljoen - zie tabel Top 10 risico's) ongewenst is. De risico’s treden niet allemaal tegelijk op. In de tabel hieronder leest u de kansverdeling en de resultaten van de risicosimulatie.

 

Conclusie:

Het is 90% zeker dat alle risico's kunnen worden afgedekt met een bedrag van € 3,3 miljoen (begroting 2020: € 2,8 miljoen). 

 

Tabel Par.A-4
Statistieken Waarde
Minimum 316.799
Maximum 6.103.832
Gemiddeld 2.333.008
Absolute maximum 13.324.210
Zekerheids-percentage Bedrag
10% 1.442.235
25% 1.810.803
50% 2.278.426
75% 2.797.472
80% 2.931.512
90% 3.296.181
95% 3.603.042
99% 4.190.459

Beschikbare weerstandscapaciteit

De beschikbare middelen om de risico’s op te vangen, noemen we weerstandscapaciteit. We maken onderscheid tussen incidentele en structurele weerstandscapaciteit.

Tabel Par.A-5
Beschikbare weerstandscapaciteit bedragen x € 1.000
Omschrijving 2019 rekening 2020 begroting 2021 begroting 2022 begroting 2023 begroting
Incidentele weerstandscapaciteit (in vermogen) 15.814 12.100 11.581 11.585 11.494
Algemene reserve 16.027 12.022 11.576 11.576 11.576
Algemene dienst 14.527 10.527 10.076 10.076 10.076
Grondbedrijf 1.500 1.494 1.500 1.500 1.500
Bestemmingsreserve
Reserve bovenwijkse voorzieningen Grondbedrijf 161 78 78 78 78
Stille reserve (besloten te incasseren) - - - - -
Resultaat -375 00 -73 -69 -160
Structurele weerstandscapaciteit (in exploitatie) 2.816 2.269 2.259 2.231 2.644
Onbenutte belastingcapaciteit 2.816 2.269 2.259 2.231 2.644
Onvoorzien - 5 5 5 5
Totale weerstandscapaciteit 18.629 14.369 13.840 13.816 14.137

Weerstandsvermogen

Weerstandsvermogen

Het weerstandsvermogen geeft de relatie aan tussen de risico’s waar geen maatregelen voor zijn getroffen of waar na het treffen van maatregelen nog restrisico’s overblijven en de capaciteit die een gemeente heeft om die niet begrote kosten op te vangen. 

 

De benodigde weerstandscapaciteit die uit de risicosimulatie voortvloeit, kan worden afgezet tegen de beschikbare weerstandscapaciteit. De uitkomst van die berekening vormt het weerstandsvermogen.

 

Tabel Par.A-6
Ratio weerstandsvermogen bedragen x € 1.000
Omschrijving 2019 rekening 2020 begroting 2021 begroting 2022 begroting 2023 begroting
Beschikbare weerstandscapaciteit 18.629 14.369 13.840 13.816 14.137
Benodigde weerstandscapaciteit 2.927 2.498 3.296 3.030 2.982
Ratio weerstandsvermogen 6,36 5,75 4,20 4,56 4,74

 

Om het weerstandsvermogen te beoordelen gebruiken we waarderingstabel A7. Een algemeen aanvaarde norm voor de hoogte van het weerstandsvermogen is er niet. Gemeente Drimmelen wil zo weinig mogelijk risico lopen en zolang het financieel verantwoord is risico’s afdekken. Dit betekent dat een we een weerstandsvermogen nastreven dat ten minste voldoende is. Dit betekent een ratio weerstandsvermogen van minimaal 1,0 (minimaal waarderingscijfer C).

De ratio van de Gemeente Drimmelen valt in klasse A. Dit betekent een uitstekend weerstandsvermogen. De hoogte van de ratio houdt in dat op dit moment geen beheersmaatregelen nodig zijn.

 

Tabel Par.A-7
Waarderingscijfer Ratio Betekenis
A >2.0 uitstekend
B 1.4-2.0 ruim voldoende
C 1.0-1.4 voldoende
D 0.8-1.0 matig
E 0.6-0.8 onvoldoende
F <0.6 ruim onvoldoende

Financiële kengetallen

Financiële kengetallen

(en beoordeling van de onderlinge verhouding tussen deze kengetallen in relatie tot de financiële positie)

 

Bij de vernieuwing van de BBV is, op basis van advies van de commissie Depla, voorgeschreven dat er in de paragraaf Weerstandsvermogen en risicobeheersing een verplichte basisset van vijf financiële kengetallen moet worden opgenomen.

 

Naast de kengetallen wordt een beoordeling van de onderlinge verhouding van de kengetallen in relatie tot de financiële positie opgenomen. De invoering van de kengetallen is voornamelijk bedoeld om de financiële positie voor raadsleden inzichtelijker te maken. De kengetallen hebben geen functie als normerings-instrument in het kader van financieel toezicht.

 

De vijf kengetallen zijn:

  1. Schuldquote:
    1. netto schuldquote;
    2. netto schuldquote gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen;
  2. Solvabiliteitsratio;
  3. Grondexploitatie;
  4. Structurele exploitatieruimte en
  5. Belastingcapaciteit.

 

Tabel Par.A-8
Begroting 2021
Kengetallen Verloop van de kengetallen
Rekening 2019 Begroting 2020 Begroting 2021 Begroting 2022 Begroting 2023 Begroting 2024
1a. Netto schuldquote 15% 49% 64% 53% 65% 51%
1b. Netto schuldquote gecorrigeerd voor verstrekte leningen 13% 47% 63% 52% 63% 50%
2. Solvabiliteitsratio 65% 47% 43% 46% 42% 44%
3. Kengetal grondexploitatie 0% 0% 0% 0% 0% 0%
4. Structurele exploitatieruimte -6% -8% -2% -1% -1% -1%
5. Belastingcapaciteit 101% 100% 99% 99% 99% 99%

Een korte toelichting op de kengetallen:

 

1a. Netto schuldquote

De netto schuldquote weerspiegelt het niveau van de schuldenlast van de gemeente ten opzichte van de eigen middelen. De netto schuldquote geeft een indicatie van de druk van de rentelasten en de aflossingen op de exploitatie. De VNG adviseert om 130% als maximum norm te hanteren en daarboven de schuld af te bouwen. De begrote netto schuldquote in 2021 is 64%.  De netto schuldquote van de gemeente Drimmelen is relatief laag maar stijgt ten opzichte van het bestaande niveau.

 

1b. Netto schuldquote gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen

Om inzicht te krijgen in hoeverre sprake is van doorlenen, wordt de netto schuldquote weergegeven (netto schuld gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen). Op die manier wordt duidelijk in beeld gebracht wat het aandeel van de verstrekte leningen is en wat dit betekent voor de schuldenlast.
De netto schuldquote gecorrigeerd voor verstrekte leningen is eveneens relatief laag en stijgend ten opzichte van het bestaande niveau.

 

2. Solvabiliteitsratio

Dit kengetal geeft inzicht in de mate waarin de gemeente in staat is aan haar financiële verplichtingen te voldoen. Onder de solvabiliteitratio wordt verstaan het eigen vermogen als percentage van het balanstotaal. Het eigen vermogen bestaat uit reserves en het resultaat van baten en lasten.
Een voor gemeenten algemeen aanvaarde norm voor het solvabiliteitsratio is 35% of hoger. Meerjarig voorziet de gemeente een ratio dat hoger is dan dit niveau maar daalt ten opzichte van het huidige niveau.

 

3. Kengetal grondexploitatie

Grondexploitaties kunnen een forse impact hebben op de financiële positie van een gemeente. De boekwaarde van de grond is van belang, omdat deze terugverdiend moet worden bij de verkoop. Boekwaarden worden afgezet tegen de totale baten. Een grondexploitatie van 10% of hoger wordt beschouwd als kwetsbaar.
Het kengetal voor de grondexploitatie van de gemeente Drimmelen is met 0% laag. Dit is positief.

 

4. Structurele exploitatieruimte

Voor de beoordeling van het evenwicht van de begroting wordt er ook gekeken naar de structurele en incidentele lasten en baten. Voorbeeld van structurele baten zijn de algemene uitkering en eigen belastinginkomsten. Bij structurele lasten zijn dat bijvoorbeeld personeelslasten, kapitaallasten en bijdragen aan gemeenschappelijke regelingen. Een begroting waarvan de structurele baten  hoger zijn dan de structurele lasten is dan ook meer flexibel dan een begroting waar bij de structurele baten en lasten in evenwicht zijn. De meerjarig begrote structurele exploitatieruimte van de gemeente Drimmelen is negatief. Hetgeen betekent dat ook de gemeente Drimmelen naar verwachting moeite zal hebben om de structurele lasten af te dekken met structurele baten. Wel verbetert dit kengetal zich ten opzichte van het bestaande niveau.

 

5. Belastingcapaciteit

De ruimte die een gemeente heeft om zijn belastingen te verhogen wordt vaak gerelateerd aan de totale woonlasten. Het Coelo publiceert deze lasten jaarlijks. Bij de berekening van het kengetal worden de gemeentelijke woonlasten afgezet tegen het landelijk gemiddelde. De totale woonlasten van de gemeente Drimmelen zullen naar verwachting iets lager dan het landelijk gemiddelde. Wat inhoudt dat er ten opzichte van dit landelijk gemiddelde ruimte is om de lokale belastingen te verhogen.

 

Beoordeling van de onderlinge verhouding tussen de kengetallen in relatie tot de financiële positie

De kengetallen zullen altijd in samenhang moeten worden bezien, omdat ze alleen gezamenlijk en in hun onderlinge verhouding een goed beeld kunnen geven van de financiële positie van een gemeente. Geconcludeerd kan worden, dat de financiële positie van de gemeente Drimmelen onder druk blijft staan.