Toelichting tabel 5.1
a. Personeelskosten
De totale mutatie van de personeelskosten bestaat uit de onderstaande onderdelen.
Door een bedrijfsongeval zijn we volgens de Wet Verbetering Poortwachter verplicht om passend werk te zoeken voor de betreffende medewerker. Dit brengt extra kosten mee. De salariskosten zijn gestegen t.o.v. de begroting, maar zijn wel gedekt. Dit komt omdat er voor tijdelijke (en soms structurele) extra werkzaamheden vanuit de afdelingen budget wordt omgezet voor formatie (i.p.v. inhuur).
Bij het opstellen van de begroting 2020 is er budget voor formatie uit de kadernota helaas dubbel meegeteld. Dit wordt nu gecorrigeerd.
De personeelskosten zijn vervolgens doorbelast naar het programma Overhead en Burger en Bestuur (samen € 5.000) en grotendeels naar Algemene dekkingsmiddelen (2020: € 102.000). De dekking staat op de andere programma’s.
a1. Indexering
In de meicirculaire wordt uitgegaan van een indexering van de loonkosten van 3,1%. Hierdoor nemen de loonkosten vanaf 2021 structureel toe met € 391.000. Gemeenten worden op macroniveau voor CAO- en premie-ontwikkelingen gecompenseerd middels het gemeentefonds.
b. Dividend Bank Nederlandse Gemeenten (BNG)
De dividenduitkering is gedaald van € 2,85 naar € 1,27 per aandeel (36.426). Per saldo een nadeel van € 57.553.
Voorlopig moet dit bedrag als structureel worden aangehouden voor de komende jaren.
c1. Gemeentefondsuitkering: december-circulaire
Het verschil tussen de december- en septembercirculaire bestaat grotendeels uit hoeveelheidsverschillen en een kleine neerwaartse bijstelling van de gelden voor het sociaal domein. Als de meicirculaire tijdig verschijnt, worden de gevolgen hiervan verwerkt in de Voorjaarsnota.
c2. Gemeentefondsuitkering: stelpost ‘Uitkomst onderzoek jeugdzorg’
Op basis van de meicirculaire 2019 ontvangen we in de jaren 2019 tot en met 2021 extra middelen vanwege de gestegen kosten Jeugdzorg. Omdat de verwachting is dat deze middelen structureel worden en de provincie deze ook als structureel beschouwd, worden deze extra inkomsten (€ 311.000) ook opgenomen vanaf 2022.
c3. Gemeentefondsuitkering: meicirculaire
Na de decembercirculaire 2019 is op 29 mei 2020 de meicirculaire 2020 verschenen. Eerder zou de circulaire een vertaling bevatten van het nieuwe verdeelstelsel met ingangsjaar 2021. Dit is echter doorgeschoven naar de decembercirculaire 2020 met ingangsjaar 2022. De brief van de minister van Binnenlandse Zaken van 28 mei 2020 aan de Tweede Kamer over het compensatiepakket Corona In meicirculaire 2020 ter waarde van € 542 miljoen voor de eerste periode tot 1 juni 2020 leidt niet tot cijfermatige aanpassingen in de meicirculaire 2020. Hiervoor zal binnen enkele weken een extra brief komen. Er blijft een reguliere circulaire over, waarin het nodige te melden is. De belangrijkste onderwerpen zijn:
- Het jaar 2019 wordt afgerekend voor:
- Het accres, compensatie € 16,1 miljoen
- Het BCF, compensatie € 31,6 miljoen
- Ontwikkeling uitkeringsbasis. De structurele doorwerking van een hoger medicijngebruik (zie decembercirculaire 2019) leidt tot een daling van de uitkeringsfactor met 13 punten. - Aanpassing van de accressen 2020 t/m 2024, na aanvankelijk hogere accressen in 2024 toch cumulatief een uitname van € 71 miljoen.
- De accressen van 2020 en 2021 worden bevroren op het niveau van de meicirculaire 2020. Van de afspraak tot bevriezing van de accressen kan worden afgeweken als zich onverwachte grote wijzigingen voordoen.
- Door de bevriezing van het accres in 2020 en 2021 is het BCF plafondook bevroren in deze jaren.
- Voogdij/ 18+ neemt vanaf 2021 toe met € 18 miljoen door het gebruik van meer actuele gegevens van zorggebruik.
- Meicirculaire geeft compensatie voor loon/prijsontwikkeling. Dit bedrag is geoormerkt en is opgenomen in de personeelskosten en als stelpost voor de prijscompensatie.
- Nieuwe te oormerken gelden:
- Inburgering (DU). Betreft nieuwe taak. De geoormerkte gelden staan op programma 4 toegelicht.
- Participatie (IU). Middelen worden conform de afspraken met MidZuid aan hen doorbetaald. Zij voeren immers deze taak uit. Verdere toelichting staat bij programma 4.
In bovenstaande tabel is ook de stelpost ‘Uitkomst onderzoek jeugdzorg’ meegenomen.
c4. Herijking gemeentefonds
Momenteel wordt onderzoek gedaan naar de herijking van het gemeentefonds. De jaarlijkse bijdrage aan gemeenten via dit fonds bedraagt zo’n € 30 miljard. Zoals bovenstaand is aangegeven, geeft de meicirculaire geen verdere informatie over de effecten hiervan. De verwachting is dat de kleinere gemeenten, dus ook Drimmelen, nadeel zullen ondervinden van deze herverdeling vanaf 2023. Om deze reden is een negatieve stelpost opgenomen van € 272.000 in 2023 en € 408.000 vanaf 2024.
d1. Tractie / gereedschappen: hogere kapitaallasten
Dit betreft hogere kapitaallasten van de lopende kredieten. Zie voor inhoudelijke toelichting onderdeel “Voortgang kapitaalgoederen (kredieten)”.
d2. Gemeentewerf: voorziening Gebouwenbeheer (PLANON)
Zie toelichting programma 3 onderdeel “m. Voorziening Gebouwenbeheer (PLANON)”
e. Optimaliseren basisregistraties BAG/WOZ/BGT
Abusievelijk is de claim op een verkeerde kostenplaats en programma verantwoord. Het budget wordt verschoven naar Overhead.
f. Extra dagdelen inkoopbureau
Door het groot aantal inkooptrajecten die door de afdelingen zijn aangemeld voor het werkplan van het inkoopbureau 2020 zijn we genoodzaakt 200 extra dagdelen af te nemen voor dit jaar.
Eind 2020 wordt gestart met een intern onderzoek naar mate van samenwerking etc. tussen ambtelijke organisatie en het Inkoopbureau West-Brabant om grip te houden op de omvang inzet Inkoopbureau.
g. Automatisering
Door verschuivingen van de investeringen inclusief actualisatie van de investeringsprognose 2021-2025 vallen de kapitaallasten per saldo lager uit. Voor een inhoudelijke toelichting wordt verwezen naar de onderdelen “Voortgang kapitaalgoederen (kredieten)” en “Investeringsprognose 2021 – 2025”.
Ten behoeve van de verder ontwikkeling, implementatie, professionalisering en borging van informatievoorziening (de governance; zowel beleid als uitvoering) is een budget benodigd van € 50.000 (uitlijnen en implementeren diverse werkprocessen, advisering samenwerking, coaching medewerkers, opstellen en inzichtelijk maken van alle rollen, verantwoordelijkheidsgebieden en samenwerkingen intern, leveranciers en gemeente Breda en nadere uitwerking van een reseller constructie.
De Basisregistraties Adressen & Gebouwen (BAG), Grootschalige Topografie (BGT), Ondergrond (BRO) en de Wet WOZ zijn belangrijke onderdelen van het landelijke stelsel van basisregistraties. Hierin zijn de belangrijkste gegevens verzameld die de overheid nodig heeft om haar werk te kunnen doen. Denk hierbij aan persoonsgegevens, namen en adressen van bedrijven en eigenaren van percelen en de WOZ waarden. In verschillende wetten is de kwaliteit van deze gegevens gewaarborgd. Deze registraties zijn essentieel voor een goede dienstverlening van de overheid. Ze zijn van groot belang voor openbare orde en veiligheid, het toekennen van uitkeringen en vergunningen, belastingheffing, afvalinzameling en bestrijding van fraude. Ieder jaar vindt rapportage plaats over de kwaliteit van deze basisregistraties op borging van de processen, tijdigheid verwerking brondocumenten, volledigheid adressen, objecten ed., en juiste verwerking van de gegevens. Dit om optimale bestanden te realiseren waarmee voldaan wordt aan de wettelijke vereisten. Ter uitvoering van geconstateerde verbetermaatregelen wordt voorgesteld om in te zetten op uitvoering van de verbetermaatregelen en dit proces begin 2022 af te ronden.
h. Dekking formatie uitbreiding
Dit betreft een aframing van budgetten welke ingezet worden als dekkingsmiddel ten behoeve van (tijdelijke) formatie uitbreiding. Het betreft urenuitbreiding voor basisregistratie WOZ.
i. Opheffen reserve Samen investeren in Drimmelen
De reserve Samen investeren in Drimmelen is mede gevormd om de incidentele kosten uit het collegeprogramma te dekken. Nu dergelijke kosten veelal niet meer als incidenteel worden bestempeld, leidt onttrekking uit de reserve niet tot een verbetering van het structurele begrotingssaldo. De reserve-onttrekkingen m.b.t. niet-incidentele lasten worden daarom vanaf 2021 ingetrokken. Het restant van de reserve storten we in de Algemene reserve.
j. Indexering gemeentefonds
De begroting is, inclusief meerjarenraming, opgesteld op prijspeil 2020. In de meicirculaire wordt jaarlijks compensatie gegeven voor de loon- en prijsstijging. Om een reëel beeld te krijgen van de budgettaire ruimte 2021 en verder wordt daarom een stelpost opgenomen voor de loon- en prijscompensatie. De looncomponent hiervan staat bij de loonkosten bij a.
k. Besparingspotentieel
De gemeenten hebben te maken met diverse negatieve externe financiële ontwikkelingen maar ook met risico’s en willen daarnaast ook de mogelijkheid hebben om (een deel van) de wensen uit de Kadernota uit te voeren. Hierdoor loopt de gemeente het risico op een niet sluitende begroting. Omdat dit niet wenselijk is, anticipeert het college hierop door het onderzoeken van de mogelijkheden om budgetten om te buigen. Bij de begrotingsbehandeling, als ook het effect van de septembercirculaire bekend is, zal pas duidelijk worden of deze maatregelen noodzakelijk zijn en worden dan aan de gemeenteraad voorgelegd.